The Break Up
Het is voorbij: de liefde tussen mijn favoriete jeans en mezelf. Al moet ik dat even nuanceren, de stopzetting kwam niet van mijn kant, het was eerder mijn onderkant die besloot er een einde aan te maken. Of om het met de woorden van Halle Berry te zeggen: “I had a little too much junk in the trunk”. Zowel het afscheid als de confrontatie met de spiegel waren pijnlijk en zo belandde mijn geliefde broek ergens onderaan in mijn kast. Toch nam ik mezelf plechtig voor dat onze relatie weldra een tweede kans zou krijgen, we pasten immers zo goed bij elkaar (en bij een groot deel van mijn garderobe). Weken gingen voorbij en als we elkaar tijdens een strooptocht door mijn kast tegenkwamen sloeg mijn hart telkens even over. Af en toe durfde ik de confrontatie aan maar de pasbeurten eindigden altijd met niet zo’n lady-like gevloek en ook mijn onmiddellijke omgeving moest het ontgelden. De relatie verzuurde helemaal en de jeans werd verbannen naar de donkerste regionen van mijn kast, ergens ten zuiden van wintertruien (waar ik nu absoluut nog niets mee te maken wil hebben.) en Oilily-jurken waar ik maar geen afstand van kan doen.
De confrontatie met dé broek uit te weg gaan is één zaak, de buitenwereld trotseren is onvermijdelijk. Ik was dus ook even uit mijn lood geslagen toen ik onlangs op een overvol terras waar echt ie-de-reen (zonder overdrijven) aan het meeluisteren was te horen kreeg: ‘ben jij niet verdikt, dat is niet zo goed hé!’ Mijn ogen schoten vuur en daarna vol tranen, mijn glimlach ging van stralend naar hulpeloos. In mijn verbeelding vloog ik hem naar de keel om zijn strot dicht te knijpen en zijn haren uit zijn kop te rukken. Al bleek dat laatste onmogelijk, vroegtijdige kaalheid bleek de spelbreker. Met een onnozele glimlach op zijn dronken gezicht bleef hij me uitdagend aankijken. Het was bijzonder verleidelijk om kwaad met kwaad te bestrijden maar ik opteerde toch om de ‘bigger person’ (letterlijk) te zijn en hem ostentatief de (spek)rug toe te keren. Er waren een paar wijntjes nodig (vloeibare caloriebommen, maar tellen was het laatst van mijn zorgen) om die smerige opmerking door te spoelen. Een paar extra kilo’s wegen blijkbaar zwaarder door op mijn gemoed dan op de weegschaal.
En zo belandde ik op die vroege zondagochtend op de loopband, zijn woorden als motivatie nog nagalmend in mijn hoofd. Later die middag kon ik de lokroep van op de bodem van de kast niet weerstaan en probeerde ik me tevergeefs in de jeans te wringen, wederom zonder resultaat. Maar toen ik een glimp van mezelf in de spiegel opving, viel het me op dat het model van de broek toch wel een beetje verouderd was en ook de washing was niet helemaal up-to-date. Zo kwam ik tot het inzicht dat je net als meerdere mannen in je leven, ook meerdere jeans'en kan liefhebben. En met het wisselen van de seizoenen, wissel ik ook maar beter eens van favoriete jeans. Ultra wijd, flared, bootcut, de boyfriend of skinny! Na een periode van intensief sporten komt het wel goed met die kilo’s. En wat die gemene jongen betreft, hij kan nog zoveel sporten als hij wil, een slecht karakter (en die kale kop!) krijg je er niet mee weg.

Commentaar