Skip to main content

HOME / BLOG

Ik ben ontrouw geweest. Na vier jaar heb ik hem bedrogen, ben ik gevallen voor de mooie beloftes van een ander. Niet zonder reden uiteraard: ik had het gevoel dat hij er niet meer was voor mij.

Er zijn vast nog vrouwen die hun schoenmaker bedriegen. Die het af en toe nodig vinden om hun hakken en zolen onder handen te laten nemen door een vreemdeling. Ik niet, ik was trouw aan hem. Als ik de winkel binnenstapte, kwam er een glimlach op zijn gezicht - al kon die ook iets te maken hebben met de omvang van mijn schoenencollectie, die hem een basisinkomen kon garanderen.

Maar toen besloot mijn schoenmaker zijn winkel te sluiten op zaterdagmiddag. Dat betekende dat ik zaterdag voor de middag op het appel moest verschijnen met reusachtige tassen vol laarzen en stilletto's, terwijl ik een zaterdagvoormiddag zo graag met een boek onder dekens doorbreng. Ik kwam nooit meer op tijd en mijn hakken begonnen er uit te zien als afgeleefde lijkjes.

En zo kwam dat ik mijn schoenen aan een ander toevertrouwde - een hakkenmacho die uitpakte met 'klaar binnen het uur', in grote letters boven zijn schreeuwerige winkel die zaterdag de hele dag open was. Ik liet me verleiden. Binnen het uur waren niet alleen mijn schoenen klaar, ik werd ook overmand door schuldgevoel. Het ontbrak deze snelle jongen aan de precisie en het vakmanschap waarmee mijn eigen schoenmaker werkte. Een massaproduct was hij, de slet onder de schoenmakers.

De zaterdag erna ben ik erg vroeg opgestaan. Ben ik hem gaan bezoeken, mijn echte schoenmaker. Mijn hart klopte in mijn keel toen ik hem de schoenen gaf: zou hij het merken? Een glimlach verscheen op zijn gezicht: ik denk dat ik vergeven ben.


Het is intussen een maand geleden, mijn eerste postje over mijn haar. Intussen is er veel gebeurd. Want ik heb me eraan gewaagd, aan die extensions. Niet in de lengte, wel in de breedte. Meer, niet langer, dat was het opzet. Volume, quoi.

In het echt zijn ze dus ook wel een beetje langer. Of zo toont het toch. Alles zit immers op lengte van mijn nekharen, die altijd al iets uitstekerigs hadden. En het leven is echt heel anders met niet-zo-kort haar. Ik kweek langere haartics met mijn handen en zo. Alles in een gebaar naar achter slaan, staartjes draaien terwijl ik nadenk. Krijg ook reacties. mensen willen weten wat er aan me veranderd is: haar geknipt? Of nee, geblondeerd? Beetje dikker geworden in je gezicht?. Grappig, want op alle drie de vragen moet ik wel 'ja' antwoorden. Haar geknipt (na de extensies, die eerst op ellebooghoogte kwamen, al heeft dat maar zeven minuten geduurd, die lengte), gebleekt (na een week op een Grieks eiland, zelfs de extensies zijn mee afgebleekt) en dikker geworden in mijn gezicht (ander Grieks eiland effect)

Vrouwelijker ook. dat ben ik geworden. Zeggen ze toch. Alsof ik vroeger een tomboy van veertig was. Leuk om te horen... Yea rright.

Eén probleem: ik ga nooit meer zonder kunnen. Zonder dat nephaar-dat eigenlijk-geen-nephaar-is (maar van echte Indische vrouwen komt). Verslaafd aan extensions. Bestaat dat? Duurder dan coke, volgens mij.


Net zoals mijn collega de veertiger eens wat exen gaan opsnorren op Facebook. Djeez, ofwel lagen mijn standaarden een stuk lager toen, ofwel hebben mijn exen zich de voorbije jaren vergrepen aan drank, drugs en onverzadigde vetten. Heb met veel plezier kunnen vaststellen dat ik het beste exemplaar voor het nageslacht bewaard heb. In vergelijking met de man die momenteel mijn bedsponde bewoont, lijken al zijn voorgangers op kalende (of over overbehaarde), uitgezakte, grijnzende trollen. Zal me straks maar eens uitsloven aan het fornuis.


Heb mezelf betrapt op een rare nieuwe gewoonte, met dat facebooken en zo. Sinds kort ga ik op zoek naar oude vlammen. Je weet wel, mannen die in de tijd toen ze nog jongens waren, mijn ogen deden schitteren, mijn eten onaangeroerd lieten staan en mij deden dromen van weemoedig eindigende sprookjes.

Nu tik ik hun namen in. In de Facebook searchbox. Om de zoveel dagen. Want ik weet, het zijn intussen ook -dikke?- veertigers geworden en die vinden pas heel laat de weg naar dit soort web 2.0 spul.

Maar om de zoveel weken heb ik wel eens prijs. Dan zit er wel eentje op. En dan staar ik naar de - steevast van te ver genomen - foto, probeer ik te ontdekken wat er ooit zo waw was aan die mens en scroll ik door hun vrienden, op zoek naar een gemeenschappelijke link. Om die dan aan te klikken als nieuw vriendje in mijn kamp, in de hoop dat de ex-vlam via zijn feed op de hoogte wordt gebracht van die o zo toevallige samenloop van omstandigheden in zijn vriendenkring en uiteindelijk mij zelf als vriendinnetje uitnodigt.

Want no way dat ik het rechtstreeks zou doen. Hij moest eens denken dat ik speciaal naar hem op zoek ben gegaan.

In de grond van ons hart blijven we altijd een beetje puber, zelfs op ons veertigste.


Ik had het nooit goed begrepen, hoe dat precies zat met vrouwen en ziekenhuisseries. Van E.R. tot Grey's Anatomy: niet meer dan wat witte jassen en stervende patiënten die als decor dienen voor de onderlinge verhoudingen van het ziekenhuispersoneel. Dokter doet het met verpleegster, verpleegster bedriegt dokter en ondertussen worden er nog enkele harttransplantaties en beenmergpuncties uitgevoerd. De dokters mochten nog zo knap zijn en nog zoveel levens redden met hun zongebruinde handen - ik kon er niet warm of koud van worden. En zapte weg vanaf het moment dat er een scalpel op mijn scherm verscheen.

Onnodig te zeggen dat ik dan ook weinig enthousiast was toen mijn omgeving met House M.D. kwam aanzetten. Drie seizoenen ziekenhuisreeks- no thank you! Maar men drong aan en de volledige box belandde in mijn kast, waar hij vervolgens maanden bleef staan. En er pas uitkwam toen een kwalijke verkoudheid mij tot de zetel veroordeelde en ik uit verveling de wedervaren van dokter Greg House en zijn team begon te volgen. En toegegeven, na enkele afleveringen verkocht was. Want, zo maakte ik mezelf wijs, dit was geen typische ziekenhuisreeks - de medische gevallen waren serieuze kwesties, niet zomaar wat gebroken armen en benen. Het hoofpersonage House is geen George Clooney of McDreamy, maar een cynische man die op de koop toe nog eens mankt en verslaafd is aan pijnstillers. Geen cliché's dus, maar een reeks van niveau. Ja toch?

Na een aflevering of zes begon het niveau me iets minder te interesseren. Hoe dat nu zat tussen House en de mooie Dr. Cameron, wilde ik weten. En dat Dr. Chase er best knap uitzag, zeker wanneer op hij goddelijke wijze druk bezig was met het redden van een leven. Om van House zelf nog maar te zwijgen, die zo lelijk en cynisch is dat het zelfs sexy wordt. Een beetje jammer vond ik het, toen het beter ging met mijn verkoudheid. Maar het werd tijd om mezelf tot de orde te roepen, want gezwijmel bij witte jassen, daar ben ik te stoer voor. Het zal de koorts wel geweest zijn.

Oh ja, de box heb ik nog steeds niet teruggegeven. Ik denk dat dit ook nog even zal duren. Je weet maar nooit...


Wat de glossies ook mogen beweren: peuters zijn géén cool accessoire. Tot die ontdekking kwam ik tijdens een weekendje weg met het gezin, in een zuiders hotelletje.

De uitbaters hadden ons nog verzekerd dat de peuter geen probleem stelde. Meer nog: onze tweejarige kan indien gewenst gebruik maken van de jacuzzi en net zoals ‘ne grote’ een deugddoende massage genieten. Soit, bij het eerste ontwaken zit het er al meteen tegen. Om 8u30 laat de kleine voor het eerst (zachtjes) van zich horen. Geen geblèr, alleen wat gebrabbel. In de kamer naast de onze horen we de uitbaters luidkeels fulmineren, ramen en deuren worden opzichtig dichtgemept.

Als ze om kwart over tien eindelijk uit hun bed sukkelen om wat ontbijt klaar te zetten, beantwoordt hij mijn welgemeende goeiemorgen met een blik die laat vermoeden dat zijn ega die nacht met een bezemsteel de diepte van zijn achterwerk heeft willen peilen.

"Zo'n ochtendhumeur is toch wel kut als je een Bed & Breakfast runt", mijmeren we boven onze Cornflakes. Maar het probleem blijkt toch iets fundamenteler te zijn. Drie dagen lang zijn we persona non grata en worden we straal genegeerd. Wie schetst onze verbazing als daar plots een horde Vlaamse showbizzgrieten diezelfde B&B komt bevolken. De klootzak tovert meteen een brede lach op zijn gezicht, krijgt testosteron-oprispingen dat het geen naam heeft en zijn vrouw kijkt met lede ogen toe hoe hij een bestofte paringsdans ten berde brengt.

Dat de luidruchtige feestjes doorgaan tot een kot in de nacht en dat er ’s ochtends een plas kots uit de jacuzzi opborrelt, kan hem blijkbaar niet deren. Zo lang de kleine zich maar gedeisd houdt. Bref, peuters zijn dus geen cool accessoire. Volgende keer pakken we zo’n showbizzgriet mee om onze pr te doen.


Met een vriendin op vakantie gaan heeft zijn voordelen, maar ook zijn nadelen. Zeker als die vriendin ervan overtuigd is dat haar billen evenveel vet bevatten als een familiepak frituurolie, dat haar buik drieduizend kwabben ver reikt en dat haar kuiten geen enkele gelijkenis met tentpalen uit de weg gaan, terwijl ze in realiteit op alle fronten niet meer dan een kwart is van jezelf. En neen, niet dat ik zelf als een soort pre-gemetamorfoseerde Margriet Hermans door het leven ga. Niet echt. Normale maten en gewichten, that's me.

Maar bon, dan zit je daar. Samen lol te trappen op reis. En bij elk glaasje rood, slaakt je reisgezel in paniek een "o wee, die calo's!" kreet. Na een stevig ontbijt besluit ze de rest van de dag niks meer te eten. Wijs besluit, maar wanneer ik zelf rond de vieren mijn tanden in een mega stuk kaas zet, er een handvol pruimen en een stuk stokbrood bij sleur, voel ik haar "eigen schuld, dikke bult - met de nadruk op "dik" - in mijn rug priemen.

Dus ja, na dag twee smokkel ik een paar bananen en een lunchyoghurt ongezien mijn kamer in. Wegens geen zin in opgelegde schuldgevoelens. En als ze me op de avond van dag vier vraagt wat ik die namiddag nog gegeten heb, en op mijn antwoord "euh, een appel en wat noten" wijsneuzerig antwoordt "ik niks hoor, gewoon geen honger", ben ik - ik beken - even in de war.

Tot ik op een ochtendwandeling vaststel dat haar onderbenen amper de helft zijn van mijn bovenarmen. En haar hoor zeggen dat we nog twee bergen over moeten om onze calorieën van de vorige avond kwijt te geraken. Dan ben ik ineens heel blij met mijn o zo normale lijf en wens ik alle ano's van deze wereld snel beterschap.


Gisteren keek ik op tv naar een programma over 'Southern Belles', meisjes uit Mississippi en Tennessee en andere zuiderse staten in Amerika waar ze vooral nog veel met ma'am en y'all praten. Meisjes die iedere dag paardrijden, vogels neerschieten, hun haar touperen en tussendoor ook wel eens meedoen aan lokale missverkiezingen. Meisjes die wanhopig worden als ze op hun 24e nog niet getrouwd zijn, en bij eerste dates meteen peilen naar the marriage potential van de man in kwestie.
De meisjes kwamen een beetje over als hersenloze trienen die net iets te veel haarlak gesnoven hadden. Hun vriendjes waren één voor één weggelopen uit een foute catalogus voor ouderwetse herenkleding (type: ik ga vaak zeilen met mijn bootschoenen), met de haren netjes in een zijmeet gekamd. Ze waren allemaal erg 'supportive' voor hun overdressed en oranjebruine vriendinnetjes die nieuwe miss teen carrot farm of zoiets wilden worden, en vonden het niet erg om samen met moederlief mee parelkettingen en extreem lelijke pageantjurken te gaan uitkiezen in de lokale prinsessenjurkenwinkel. Het waren kortom een voor een deurmatjes. Van die jaknikkers die hun gal altijd gelijk geven, nooit tegenspreken en na zo'n vijf jaar huwelijk waarschijnlijk regelmatige klant zijn bij het dichtstbijzijnde whorehouse, pardon my french.

Niet dat ik echt ergens heenwil met dit postje (zo blijkt nu), behalve dan dat ik, na eerst gedacht te hebben 'die crazy Americans uit het zuiden, such morons', besefte dat ik toch ook wel wat mensen ken die in zo'n soort relatie zitten, zaten of zelfs willen zitten. Lekker veilig, en ondertussen maar kijken of er niemand beter langskomt. Relaties waarbij openheid niet belangrijk is en trouw ook niet echt. Relaties die mijn cynische blik op de liefde alleen maar cynischer maken.

Want ik, in al mijn naïviteit, was altijd van de mening toegedaan dat je enkel in een relatie zit met iemand waar je op dat moment van overtuigd bent dat hij -of zij- wel eens de ware kan zijn. Dat je wederhelft iemand is waar je elk moment van de dag én nacht mee zou kunnen doorbrengen, maar dat niet hoeft, omdat je elkaar vertrouwt, en ook kan genieten van het 'ik mis hem/haar zo hard!'gevoel. Dat je enkel samen bent met iemand waar je eventueel nog mee zou willen trouwen. Maar dat ben ik, in al mijn naïviteit. Want het lijkt er niet meer om te gaan naar wie je verlangt, maar om wie je kan krijgen.
Of misschien ben ik te cynisch... Of loop ik al te lang rond in een dichtbegroeid eikelbos om nog andere bomen te kunnen herkennen.


Ik heb er één gezien. Een echte. Vanochtend nog. Een Griekse god, that is. Het gebeurde - where else - in Griekenland. Hij was twee koppen groter dan ik, minstens twaalf jaar jonger. En hij had bizar genoeg een Kway om zijn ongetwijfeld goddelijke lijf. Wat er van dat lijf uit die Kway kwam piepen, was gebronsd. Goudgeel gebronsd. Zoals het een echte god betaamt. En bedekt met van die witte afgebleekte haartjes die smeekten om tegen-de-richting-in geborsteld te worden. Met mijn vingers, dat spreekt.

Oké, ik overdrijf misschien. Of misschien niet?

Anyway, de god in kwestie was de man die in één beweging mijn van veel streetcredibility voorziene reistas - no way dat je mij met zo'n ding op wielen de wereld instuurt, maar soit, dat is een ander verhaal - honderd hoteltrappen omhoog bracht. Minstens twintig kilo zat erin. Outfits voor elke gelegenheid, weet je wel?

In één beweging zat de tas op zijn rug, en ik dartelde erachter. Die trappen op. Ik hoorde mezelf zuchten en puffen. Zag hem dansend richting hemel bewegen. Vroeg me af of hij het hoorde, mijn gepuf. Vroeg me ook af of hij ze voelde, mijn blikken op zijn billen & co.

Boven gaf hij me een hand. ik hem een fooi. Hij mij een paraplu. Ik hem een compliment:"You are so fit". Hij wenste me een goeie terugreis. En ik, ik wenste dat hij stante pede naar de hotelreceptie ging, gekweld door de vraag wie toch die vrouw uit kamer 51 was, mijn adres uit de fichebak zou opdiepen en me tegen het einde van de dag een mail zou sturen.

Dit is het einde van de dag. Geen mail van een god in mijn inbox. Zucht.

Moet een mens daar zo oud voor geworden zijn. Voor dat soort dwaze dromen?


Je wenst het niemand toe, zeker je beste vrienden niet, maar nu en dan komt het voor dat een verloving niet eindigt in een happily ever after-scenario. Helaas overkwam het een vriend van me - vijf jaar geleden werd hij verliefd, twee jaar geleden werd het huis gekocht en de verlovingsring leek een logische volgende stap. Tot zij plots halsoverkop verliefd werd op (hoe cliché) een collega.

Omdat het feest normaal afgelopen zaterdag zou plaatsvinden, reserveerden we vast plaatsen in een restaurant en sleurden we de gedumpte bruidegom mee: je laat een mens nu eenmaal niet alleen op wat zijn trouwdag had moeten zijn. Opgekleed, dassen incluis, zaten we met twintig rond de tafel - op de taart en de bruid na was het net echt. Maar wat een gezellige avond had moeten worden werd vergald door een van de aanwezige lang niet geziene vrienden, die me aansprak en vroeg of ik 'nu nog altijd geen lief had'. Waarop me meteen duidelijk werd waarom ik hem lang niet gezien had.

Want afgezien van het feit dat het gespreksonderwerp nogal slecht gekozen was voor een niet-trouwfeest, leek de gelegenheid net te bewijzen dat zelfs zekerheden als een ring je nog niet kunnen behoeden voor eenzame jaren (om van de nachten nog te zwijgen). Een verbroken relatie is in dat geval een beetje als Monopoly: je moet terug naar 'start', alleen ontvang je geen 100 euro. En wanneer je weer uit de put bent, kom je een ander tegen. Waarmee het dan in het beste geval wat minder slecht afloopt.

Vandaar dat ik ervoor heb gekozen een beetje vertraging op te lopen op relationeel gebied - op het startvakje is het best aangenaam, er lopen heel wat oude bekenden rond en er is ruimte om af en toe iets geks te doen. En, beste lang niet geziene vriend, als ik daar ooit iemand tegenkom die ik in de armen wil sluiten, kan ik er waarschijnlijk toch mijn mond niet over houden. Je hoeft me er dus niet steeds naar te vragen.


Twee twintigers, twee dertigers en een veertiger, samengegooid in een slakom, met een pittige dressing en wat sappige weetjes erbij. Generations: The Real Life. Altijd verrassend, nooit saai. Want een ELLEvrouw weet hoe het leven up te spicen.

Labels

Maa Din Woe Don Vry Zat Zon
    1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30      
Voeg ELLE.be toe aan je favorieten

Info en tips ELLE.BE

Join us !