Misschien is het omdat ik een beetje ouderwets ben, maar het draaien van loeiharde muziek in kledingwinkels heb ik nooit echt gesnapt, laat staan leuk gevonden. Ik weet nog dat de eerste winkels waarin ‘gedraaid’ werden, werden aangekondigd als hippe places to be, waar je, naast het kopen van die ‘coole’ jeans ook even lekker kon ‘chillen op vette loungetunes’. Buiten het feit dat ik ‘loungetunes’ oersaai vind, zag ik toen het nut van die dj’s die achteraan in een winkel staan te draaien al niet echt in. Je hebt toch al je aandacht nodig bij het kiezen van die nieuwe, ‘coole’, jeans?! En ik heb nog nooit iemand spontaan in een dansje weten uitbarsten bij het buitenkomen van de paskamers, omdat de dj net een vette schijf had opgelegd.
Maar muziek in winkels kreeg voor mij echt een nieuwe dimensie toen ik voor het eerst de Urban Outfitters in de Antwerpse Feestzaal binnenstapte. Na een jaar eraan te kunnen weerstaan (een mens moet zijn spaarcentjes een beetje beschermen) besloot ik dat het als lifestylejournalist niet kon dat ik nog nooit in dé Urban Outfitters was binnengelopen, en dat ik – met gevaar op een nakend faillissement – het er toch maar eens een keertje op moest wagen. Want alle kleren waren er toch zo leuk, zei iedereen, en ze hebben er ook leuke dingetjes die eigenlijk geen enkel nut hebben maar gewoon leuk zijn om te hebben. En ik hou nu eenmaal van dingetjes, dus hup daar ging ik, dé urban outfitters binnen….
Alwaar de muziek loeihard stond en er bijna niemand in de winkel rondliep. Of het tweede een gevolg was van het eerste kan ik niet zeggen, maar ik ben alleszins als een razende door de winkel gespurt (nu ik er toch was kon ik evengoed alles meteen maar eens bekijken), om er zo snel mogelijk weer buiten te willen. Zelfs het potje nagellak in die leuke kleur die je absoluut moet hebben deze winter en ik nog niet in mijn nagellakschuif had zitten, heb ik teruggezet omdat ik geen zin had om vijf minuten te wachten aan de kassa in die TERINGHERRIE. Wat ik ook zo schreeuwde tegen mijn moeder, die mij, nadat ik vijf keer had gezegd dat ik de muziek toch best luid vond staan, nog niet had verstaan. Ik ben na een aantal weken nog een keertje teruggegaan, maar toen de muziek nog steeds even had stond, ben ik van de achteringang meteen doorgelopen naar de vooruitgang, mezelf voornemend dat ik in het vervolg altijd met oordopjes zou gaan winkelen. En niet meer in de Urban Outfitters zou komen.
Maar nu kreeg ik onlangs een cadeabon. Van dé Urban Outfitters uiteraard, o wrede speling van het lot. Ik ben natuurlijk van plan die te gaan inwisselen tegen de leuke dingetjes die je daar vindt, maar zal dit doen mét oordopjes, en klaar om een kleine volksbeweging op gang te zetten met de mensen die zich – ongetwijfeld lopen ze daar rond – ook blauw ergeren aan dat monotone, extreem luide, gedreun. Een ware volksbeweging tegen het belemmeren van de ongestoorde shoppinggang. Opdat we de volgende keer rustig kunnen winkelen in dé Urban Outfitters. Zonder Oordopjes. Jammer genoeg dan weer wel met gevaar voor een nakend faillissement.

Commentaar (2)